Nieuwbouw: het huis is af, nu de rest nog

Een nieuwbouwwoning kopen is geweldig.

Tenminste, dat vertellen ze je. De brochures staan vol met lachende gezinnen, perfect gemaaide gazons en kinderen die in slow motion achter een bal aan rennen. De zon schijnt altijd en nergens is een restpunt te bekennen.

De werkelijkheid is nét iets anders. Want zodra je de sleutel krijgt, begint eigenlijk pas het echte avontuur. Je bent eigenaar van een prachtige woning, maar ook van een compleet nieuw takenpakket. Ineens praat je vloeiend aannemers-Nederlands en gebruik je woorden als opleverpunten, meerwerk, nazorg en "daar komen we op terug".

En dan de wijk zelf. 

De speelvoorzieningen zijn opgeleverd, maar ogen soms alsof ze op vrijdagmiddag om 16.55 uur nog even snel zijn afgerond. Het riool blijkt hier en daar nog een verrassingselement te bevatten. Sommige kruipruimtes hebben meer water dan een gemiddeld kinderzwembad. En het zwerfafval? Dat lijkt soms een vaste bewoner van de wijk te zijn geworden. Ook de moestuintjes verdienen een speciale vermelding. Op papier ziet dat er fantastisch uit: samen tuinieren, verse groenten uit eigen buurt en een groene leefomgeving. In werkelijkheid staat het onkruid soms zo hoog dat je er zonder moeite een safari doorheen kunt organiseren. Nog even en er worden wandelroutes uitgezet met bordjes: "Pas op voor loslopende brandnetels." 

En dan hebben we natuurlijk de snelheidsduivels. Je verhuist naar een rustige woonwijk, maar sommige buurtgenoten lijken ervan overtuigd dat ze deelnemen aan de kwalificatie van de Grand Prix. De maximumsnelheid is 30 kilometer per uur [ja ik weet het 50 km], maar dat wordt door sommigen meer gezien als een vrijblijvende suggestie.

Toch gebeurt er ondertussen iets moois.

De bouwhekken verdwijnen langzaam. De eerste planten schieten uit de grond. Kinderen vinden elkaar op straat. Buren maken een praatje terwijl ze hun containers buiten zetten. Er ontstaan buurtapps, waar belangrijke zaken worden besproken, zoals een vermiste kat, een verkeerd bezorgd pakketje of de vraag waarom er alweer iemand zijn auto op drie parkeerplaatsen tegelijk heeft gezet.

Want uiteindelijk maken niet de stenen de wijk, maar de mensen.

Binnenkort beschikken we over het buurthuis. Een plek waar we als buurtgenoten elkaar kunnen ontmoeten, activiteiten kunnen organiseren en waar we gezamenlijk kunnen bespreken hoe we het onkruid in de moestuintjes onder controle krijgen zonder een professioneel kapteam in te huren. Natuurlijk zijn er restpunten. Natuurlijk gaat er wel eens iets mis. Maar laten we eerlijk zijn: een nieuwe wijk groeit niet alleen uit de grond. Die groeit door de mensen die er wonen. Dus laten we samen bouwen aan een fijne, groene en leefbare buurt. Met wat minder klachten, wat meer geduld en af en toe een gezonde dosis humor.

En mocht je verdwalen tussen het onkruid, de bouwresten of de opleverpunten: Blijf bouwen en er in geloven, dan komt het vast goed. 

Fijne tijd, buurtjes! Warme odi, hartelijke groet. 

Met een knipoog! Simone – Bewoner van een nieuwbouwwijk, ervaringsdeskundige in opleverpunten en inmiddels specialist in het herkennen van onkruidsoorten vanaf drie meter afstand. 😄

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.